zondag 6 april 2014

Het verhaal van Claudia

Claudia schreef de volgende blogpost over haar ervaringen tijdens haar zwangerschap en bevalling. Wederom een lange post, maar absoluut de moeite waard om hem helemaal te lezen! 

Momenteel is er veel gaande in Geboorteland.
Veel van de besluitvoering vindt plaats achter gesloten deuren en krijgen wij als cliënten en dus ook betalende klant, pas te horen wanneer we ermee geconfronteerd worden. Waarom is het dan juist nú zo belangrijk om ervan op de hoogte te zijn? Omdat dit keer de mogelijkheid bestaat dat onze keuzevrijheid dusdanig wordt ingeperkt, dat er weinig ruimte meer is voor wat wij zelf aan zorg wensen te krijgen.
Het is onbegrijpelijk en onverteerbaar dat anderen dan jijzelf zouden gaan en mogen beslissen over iets dat zóveel impact heeft op een mensenleven. Namelijk: zwangerschap en de geboorte van je kind(eren). Dit betreft geen discussie over wel of geen thuisbevalling.
De kern is dat je als vrouw, aan welke kant van het spectrum je ook staat, zelf de keuze moet kunnen maken door middel van goede, volledige, eerlijke en onderbouwde informatie.
En geen informatie die gekleurd wordt door de voorkeuren van de zorgverlener. Het gaat hier om je recht op die thuisbevalling, ziekenhuisbevalling, pijnstilling, unassisted bevalling, badbevalling, om jóuw bevalling en álles daaromheen.


De dreiging die ons boven het hoofd hangt bestaat er onder andere uit dat zorgverleners een bevalling als iets medisch gaan benaderen. Standaard, ook wanneer daar geen aanleiding voor is. Niet alleen is dat niet wenselijk, het levert veel onnodige stress op en het kost ook nog eens enorm veel geld. Geld dat we op den duur ongetwijfeld terug gaan zien in een verhoogde zorgpremie.
Om die reden deel ik graag mijn verhaal.
In september 2012 had ik een positieve zwangerschapstest in handen. Leuk en ook enorm spannend! Ik heb altijd affiniteit gehad met alles rondom zwangerschap en geboorte, dus was ik -dacht ik-, aardig goed ingelezen en geïnformeerd. Zo meldde ik me braaf aan bij een verloskundige praktijk in de buurt en ging op controle wanneer ik verwacht werd.

Ik wist dat ik op een gegeven moment bloed 'moest' laten prikken tijdens mijn zwangerschap. Een moment waar ik nogal tegenop zag met mijn fikse naaldenangst.
Toen het moment daar was, heb ik me met man en macht eroverheen moeten zetten, want: "Dat had ik toch zeker wel over voor mijn kindje?" Met de nimmer aflatende steun van mijn vriend, lukte dat. Uit het bloedonderzoek bleek dat ik rhesus c negatief was en omdat mijn BMI hoger was dan 'normaal', werd me ook even medegedeeld dat ik een keer vaker geprikt zou worden op suiker. Ho even, ik wist niet of ik het daar wel zo mee eens was! Van een gezonde zwangere die nergens last van had, veranderde ik nu ineens in een 'medisch geval' met vooral veel vragen. Wat hield dat in, die 'kleine' rhesusfactor? Ik wist wel dat ze testten op de 'grote' rhesusfactor, maar dit was even nieuw voor mij. Wat betekende dat nu verder? En leverde dat gevaar op? "Nee", zeiden de verloskundigen. Het was niets om me zorgen over te maken. Waarom dan testen en 'ons' onnodig bang maken? Ik ben er uiteindelijk niets wijzer van geworden, maar wel bezorgd door geweest.

Dankzij mijn gezonde nieuwsgierigheid was ik ook reeds op de hoogte van het feit dat de door mij gekozen praktijk niet discrimineerde op basis van gewicht of je wel of geen thuisbevalling zou kunnen hebben met hen als begeleiding. Een voorwaarde voor mij, want dat was wel wat ik nastreefde, een thuisbevalling. Ik ben één van die mensen die zich niet veiliger voelt in een ziekenhuis en gelukkig vonden ook de verloskundigen dit prima.
Máár, dan moest wel alles goed blijven gaan! Zo werd me gezegd.

Omdat mijn vriend en ik een duidelijk beeld hadden van hoe wij de bevalling zagen, maakten we een geboorteplan. Hierin legden wij onder andere vast dat ik geen spuit met synthetische oxytocine wilde krijgen na de bevalling voor de geboorte van de placenta, tenzij er acute aanleiding (fors bloedverlies) voor was. Geïnformeerd als we waren, wisten we dat huid op huid contact en direct aanleggen in de meeste gevallen prima voldoen. Het zou immers ook raar zijn als de natuur dat niet zelf allemaal geregeld had. Die spuit bestaat pas sinds onze bevallingen en hormonale processen die alles regelen dermate verstoord worden door  interventies die van oudsher niet voorkomen, dat ze in bepaalde –zeer zeker niet alle!- gevallen nodig kunnen zijn. Ook wilden wij dat de navelstreng uit laten kloppen, niet actief begeleid worden en een bevalbad aanwezig hebben en zo nog een aantal zaken.

Vol goede moed namen we het plan mee naar de verloskundige om het daar te bespreken. We kwamen thuis van een koude kermis: die badbevalling, daar deden zij niet aan omdat ze niet de scholing hadden gevolgd om het eventuele bloedverlies in te kunnen schatten. Ik heb achteraf begrepen dat hier zeer simpele methodes voor zijn en dat de praktijk zelfs scholing aangeboden heeft gekregen, maar zij hier geen gebruik van hebben gemaakt. Gemiste kans vond ik dat! 


Met de aanwezigheid van een baarkruk gingen zij gelukkig wel akkoord. Het uit laten kloppen van de navelstreng vonden zij niet zo nodig, maar omdat dit weinig extra moeite kostte, wilden ze dit verzoek wel honoreren. De spuit met oxytocine was nog een heel ander verhaal, deze wens werd zelfs met het hele team besproken alvorens ze met een antwoord kwamen, terwijl bij mijn weten ‘nee’, toch écht ‘nee’ betekent. Ik kon me niet voorstellen dat zij de spuit zouden zetten zonder mijn uitdrukkelijke toestemming, maar je wilt je daar niet mee bezig hoeven houden tijdens je bevalling. In het geboorteplan vroeg ik om een –heel redelijk-  uur om de placenta geboren te laten worden. Was er een acute aanleiding om de spuit te zetten of na dit uur reden tot zorg, dan ging ik akkoord. Ik kreeg een magere dertig minuten toegezegd, en later in het verslag las ik twintig minuten terug. Hierop heb ik hen vanzelfsprekend aangesproken omdat dit niet de afspraak was en mijn vertrouwen had geschaad. Ik was teleurgesteld in de praktijk en overwoog om op zoek te gaan naar een andere zorgverlener die geen problemen had met mijn wensen. 

Inmiddels was ik twintig weken zwanger en werden we uitgenodigd voor de twintig weken echo. Mijn vriend en ik vonden deze echo belangrijk omdat we graag wilden weten of alles wát ze konden zien, goed was. Ons werd verteld dat er gekeken werd naar een aantal aandoeningen die, mochten ze gesignaleerd worden tijdens deze echo, óf te behandelen waren óf dat er goede maatregelen konden worden getroffen om er zo goed als mogelijk op te anticiperen. Met gierende zenuwen vertrokken we naar het echocentrum in Uden. De echoscopiste kon ons geruststellen: we waren in blijde verwachting van een gezonde dochter! Ze moest me tijdens het onderzoek een enkele keer in een andere houding dirigeren, want dochterlief lag op dat ogenblik in stuit. Ik hoor mezelf nog grappen tegen onze buikbaby: "Zeg, dame, we gaan nog wel draaien in de komende maanden hè?" De echoscopiste lachte en zei dat ze nog alle kanten op kon en we ons echt nog geen zorgen hoefden te maken voordat de laatste weken in aantocht waren. 

Bij de daaropvolgende afspraken bij de verloskundige bleek nog altijd alles goed. Baby's hartje klopte krachtig, alles zag er goed uit en ik voelde me meer dan prima. Maarrrr... dochterlief lag nog altijd in stuit op de echo. Langzaamaan vond ik dat niet meer zo grappig, want ik wist dondersgoed wat dit betekende: dág thuisbevalling, hallo ziekenhuiscontroles, versiepogingen, stress en een verhoogde kans op een keizersnee. Er werd een extra liggingsecho gedaan en nog altijd lag dochterlief in stuit. We zaten inmiddels al in het derde trimester en de verloskundige waarschuwde ons, dat als onze dochter niet ging draaien, we eens serieus moesten nadenken over een versiepoging (handmatig draaien van een baby). Ook werd ons moxa geadviseerd en dus zocht ik in onze verzekeringspolis maar eens op of dit zou worden vergoed.

Goed nieuws: moxa werd vergoed door de verzekering en daarom maakten we direct een afspraak bij een acupuncturist bij ons in de buurt. De slagingskans bij kindjes in stuit was behoorlijk groot, dus al onze hoop vestigden we daarop. Genieten van het laatste trimester was er inmiddels niet meer bij. Ik werd een tikkende tijdbom van stress die vooral bezig was om te bedenken hoe ik onze dochter er toch toe kon bewegen om te gaan draaien.

Let wel: ikzelf had geen angst om mijn stuitkindje gewoon vaginaal ter wereld te brengen. Ik was niet angstiger voor een stuitbevalling dan voor een bevalling van een kindje in hoofdligging. Ik werd vooral nerveus, gestresst en bang van de protocollen van de verloskundigen en gynaecologen.

Ruim twee weken hebben vriendlief en ik braaf iedere dag moxatherapie toegepast. Onze dochter werd er zeker beweeglijker van, maar draaien, dat deed ze niet. Wat heb ik gebaald... vaak tot tranen aan toe. We hadden voor onszelf al besloten om ook de versiepoging te laten doen als moxa niet het gewenste resultaat zou geven. Vanzelfsprekend had ik ook hier al alles over uitgeplozen en voorlichtingsfilmpjes op internet bekeken. Vanwege de voorkeursligging van onze dochter, werden we nogmaals voor een liggingsecho uitgenodigd bij de verloskundige. Hier werd ons vermoeden bevestigd: ze lag nog steeds in stuit. De verloskundige die me het nieuws meedeelde begreep onze teleurstelling. Ik vroeg haar nog: "Waarom zijn jullie toch zo huiverig voor die stuitligging? Ík heb het volste vertrouwen in mijn lijf en dit kindje en wil dat jullie mij begeleiden. Gewoon, thuis. De stuitligging is gewoon een normale liggingsvariant. Het ziekenhuis is ook dichtbij voor als het nodig is.” De vriendelijke verloskundige antwoordde heel eerlijk dat zij tijdens haar opleiding slechts één vaginale stuitbevalling had meegemaakt en zich daarom niet kundig genoeg achtte om deze te begeleiden. Ook de protocollen maakten dit praktisch onmogelijk.

Een week later zaten we in het ziekenhuis. Ik voelde me beroerd van de zenuwen. Mijn hart klopte in mijn keel en ik had klamme handen van de spanning. We bleken een afspraak te hebben met een mannelijke gynaecoloog. Hoewel ik ervan overtuigd ben dat ook mannen heel veel kennis en kunde kunnen hebben als gynaecoloog, ben ik persoonlijk van mening dat een vrouw toch beter begrijpt hoe bepaalde zaken in zijn werk gaan, puur doordat we een zelfde lichaam en hormoonhuishouding delen en niet alleen de ‘mechanica’ van het vrouwelijk lichaam hebben bestudeerd. 

Een kleine domper dus, maar we gingen toch met een open blik het gesprek in. Wij waren ervan overtuigd dat we alleen de versiepoging kwamen bespreken, maar in plaats daarvan begon de gynaecoloog al over een ziekenhuisbevalling en of we een geplande keizersnede of toch een vaginale bevalling wilden ‘proberen’. Ik heb me geërgerd aan deze ontkrachtende term. Ik gaf aan zeker vaginaal te willen bevallen en in principe stond hij daar positief tegenover. Echter; daar bevallen van een kindje in stuit, betekende wel bij binnenkomst een waakinfuus en continue ctg. Twee dingen die ik niet wilde om de simpele reden dat ik geen medische interventies wens die niet persé nodig zijn en iedere medische interventie ook grotere kans geeft op nog meer interventies door het verstoren van natuurlijke processen.

Hij bracht het alsof hierin absoluut niet onderhandeld kon worden en dat maakte me boos. Als ik immers ‘nee’ zei, dan zou hij niet heel veel kunnen doen, wel? Maar dit is strijd die je niet wilt hoeven voeren tijdens je bevalling. En eigenlijk ook niet in de laatste weken van je zwangerschap.

De volgende bom die op me gedropt werd, was dat een versiepoging inderdaad mogelijk was, maar er wel een infuus bij kwam kijken met weeënremmers. Het ene ziekenhuis gebruikt dit wel, het andere weer niet en ik kon na mezelf geïnformeerd te hebben niet overtuigd worden van de meerwaarde ervan en weigerde deze dus. De man zuchtte nog net niet hardop en zei het ter plekke even te bespreken met zijn collega die de versie uit zou voeren. Na tien minuten nagelbijten kregen we het verlossende woord dat zijn collega hier geen problemen mee had. 

Bij binnenkomst was standaard ook even mijn bloeddruk gemeten. Deze was bij de verloskundige altijd keurig vanwege het feit dat ik me er veilig voelde. Hier in het ziekenhuis had ik voor het eerst een ‘witte jassen bloeddruk’, mijn bloeddruk was te hoog. Ik wist dondersgoed dat dit lag aan de stress, maar de gynaecoloog ‘durfde mij absoluut niet naar huis te laten gaan zonder gedegen onderzoek’. Dat zou inhouden dat ik urine af moest staan en bloed moest laten prikken. Inmiddels was ik ontmoedigd, teleurgesteld, bozig, alle gevoel voor autonomie kwijt en bang. 

Ik zei tegen de gynaecoloog: “Als u me hier ter plekke wilt houden, moet u vóóral een naald in me steken.” Hij ging niet akkoord met de kennis die ik van mijn eigen lichaam heb dus werd het compromis om wat urine af te staan. Natuurlijk bleek hieruit dat er niets aan de hand was, wat een half uur later werd bevestigd door de assistente van de verloskundige, die mijn bloeddruk ook nog even mat. Wederom keurig laag. De assistente maakte ter plekke voor ons een afspraak in het ziekenhuis en wenste ons veel succes met de woorden: "Nou, succes! Ik hoop dat het lukt, dan zie ik jullie hier weer terug, anders dan worden jullie overgedragen aan de gynaecoloog." En dat was dat. Geen fijn vooruitzicht gezien de eerdere kennismaking.

Na nog een paar dagen wachten na het eerste gesprek vond de versie plaats. Ik had mijn ontspanningsoefeningen goed geoefend en werd aan de ctg gelegd. Baby’s hartslag was buitengewoon krachtig en levenslustig. Even later kwam de gynaecologe, een vrouw dit keer, langs. Ze legde vriendelijk uit wat ze ging doen en wat ik kon verwachten. De versie was niet super plezierig, maar ook absoluut geen drama. Helaas de mededeling van de gynaecologe wel. Na enkele voorzichtige pogingen deelde ze ons mee: “Dit kindje gaat niet draaien”. Ze boorde onze laatste hoop de grond in met deze woorden.

Hier begon voor mij een soort rouwproces voor de bevalling die ik zo graag wilde, maar niet zou gaan krijgen. Ik wist dat het van belang was om de laatste dagen en weken te besteden aan hiermee in het reine te komen. Ik had het hele grote geluk -ik ben daar nu nog dankbaar voor-, dat ik een goede vriendin had die reeds lid was van de GeboorteBewegingZelf had ik er nog nooit van gehoord, maar ze introduceerde me er en hoopte dat ik er mijn zorgen kon delen en wellicht nog tips zou kunnen krijgen. Zij zelf had er ook erg veel aan gehad tijdens haar tweede zwangerschap en omdat wij beiden aardig gelijk over bepaalde zaken denken, nam ik dit aanbod graag aan. Ik voelde me namelijk nogal ontwapend in mijn gesprekken met de verloskundigen omdat mijn ideeën en gevoel omtrent zwangerschap verschilden met die van hen, maar er met name van mij verwacht werd dat ik me maar inschikkelijk opstelde. Ik miste de feiten om mijn wensen en gevoel te onderbouwen.

Na de mislukte versiepoging voelde ik me een beetje ontredderd. Ineens werd ik losgelaten door de verloskundige praktijk zonder verdere uitleg en werd ik overgedragen aan een gynaecoloog waarmee ik volledig verschilde van mening. Iedere keer dat ik verwacht werd in het ziekenhuis stonden de waterlanders al weer klaar uit pure ellende en was steevast mijn bloeddruk van de stress weer aan de grens, hoe zeer ik ook mijn best deed om deze met ontspanningsoefeningen te beheersen op deze momenten.

Via de GeboorteBeweging kreeg ik goede tips zoals de pagina van Spinning Babies, waarop oefeningen te vinden zijn en houdingen die een kindje dat bereidwillig is, eventueel te laten draaien. De vriendin die me er geïntroduceerd had was inmiddels begonnen aan een opleiding tot Doula en zowel mijn vriend als ik vonden het een prettige gedachte als zij bij de bevalling zou willen zijn. Tijdens mijn zwangerschap heeft ze me gesteund waar mogelijk, ging mee naar bezoekje aan de gynaecoloog wanneer mijn vriend echt niet mee kon en hielp me mijn wensen kenbaar te maken en te onderbouwen. We vonden het beide een prettige gedachte als zij ons zou helpen om mijn ruimte te bewaken tijdens de bevalling, maar wat vond ik het een treurig idee dat dat nodig was.

In de laatste weken van mijn zwangerschap kwam er een gynaecoloog in opspraak vanwege zijn nogal bijzondere uitlatingen op Twitter. Ik las hierover op de GeboorteBeweging en mijn bloed veranderde in ijs toen bleek dat dit ‘mijn’ gynaecoloog was. Totaal in paniek reageerde ik op dat bericht met de mededeling dat ik onder zijn zorg stond en me nu al helemaal niet meer veilig voelde om er te bevallen. Ik werd attent gemaakt op het feit dat ik het recht heb om over te stappen van ziekenhuis. Een advies dat we ter harte hebben genomen, maar niet voordat mijn vriendin en ik naar het consult zijn gegaan met de desbetreffende gynaecoloog en hem daar hebben geconfronteerd met zijn uitspraken om hem de kans te geven uit te leggen hoe we deze moesten interpreteren. De conclusie die we trokken was dat deze man absoluut oprecht achter zijn uitspraken stond en dat deze niet verenigbaar waren met hoe wij dingen zagen.

Via de GeboorteBeweging kreeg ik een goede tip over een ziekenhuis en gynaecoloog bij ons in de buurt, die meer op één lijn met ons zouden kunnen zitten. Ik belde voor een consult, veel tijd had ik immers niet meer voor de uitgerekende datum en zo ben ik na het kennismakingsgesprek overgestapt. Ook in dit ziekenhuis konden niet alle punten uit mijn geboorteplan gehonoreerd worden, maar ze werden wél serieus genomen en er werd mét ons gepraat in plaats van tégen ons. Deze benadering maakte al een wereld van verschil.




Uiteindelijk is de bevalling spontaan op gang gekomen bij 40 weken en 5 dagen. In de nacht van 3 op 4 juli braken mijn vliezen. Ik adviseerde mijn vriend om nog even een paar uur te gaan slapen, we zouden de rust nodig gaan hebben. Natuurlijk deed ik geen oog meer dicht, maar probeerde nog wat te rusten en was erg gespannen over hoe de weeën aan zouden voelen.

Halverwege de morgen heb ik het ziekenhuis gebeld met de vraag wat de bedoeling was. Zij gaven aan me graag op controle te zien. Nadat mijn vriend nog rustig de boodschappen had gedaan zijn we vertrokken. Ik had nu af en toe een krampje dat een wee zou kunnen zijn. Bij de controle bleek dat de bevalling inderdaad snel zou beginnen en ze wilden me er graag houden. Ik was ervan overtuigd dat de bevalling minder kans had te stagneren als ik de weeën rustig thuis op kon vangen en wilde daarom weer naar huis. Hun advies was om te blijven en wij vroegen hen dit toe te lichten. We kregen de ruimte om te overleggen en hebben toen besloten te blijven. Later die middag werden de weeën serieuzer en frequenter van aard en belden we mijn vriendin, die direct naar het ziekenhuis kwam om ons bij te staan.

Ook hier was een gynaecoloog in opleiding langs geweest die graag had gezien dat ik een waakinfuus accepteerde, maar respecteerde uiteindelijk wel mijn wens dit niet te doen. Omdat mijn wensen in dit ziekenhuis heel duidelijk kenbaar waren gemaakt, werd er ook rekening mee gehouden. Ik wenste niet aan bed gekluisterd te zitten aan een ctg, dus werd er periodiek een ctg gemaakt en kon ik hiermee ook bewegen. Waarschijnlijk heb ik een halve marathon gelopen tijdens het ijsberen door de kamer, maar hierdoor kon ik wel de weeën opvangen. Iets wat me niet gelukt was plat op mijn rug. Mijn vriendin masseerde mijn voeten en drukte onvermoeibaar die rottige rugweeën weg. Samen met mijn vriend steunde ze mij.

Zelf was ik natuurlijk alleen bezig met alles wat er in mijn lichaam gebeurde, maar later vertelden ze dat te lezen was dat er speciaal voor mij een prof., werkzaam in het ziekenhuis, van huis was gekomen om mijn bevalling te begeleiden. Dit omdat ik geen pijnstilling wilde, vaginaal wilde bevallen van mijn stuitkindje, hands-off wilde bevallen en zo natuurlijk mogelijk en hij zich hier prima in kon vinden.

Deze man was een zegen. Ik kreeg de gewenste ruimte van hem, hij praatte met zachte, gedempte en vriendelijke stem en viel me niet onnodig lastig. Hij ging kalm in een hoek van de kamer in een stoel zitten en observeerde slechts. Op een gegeven moment verliet hij zelfs voor tien minuten de kamer met het volste vertrouwen dat het met ons drieën wel goed ging.Toen de persweeën kwamen had ik het minder breed. Gelukkig had hij ook hier alle vertrouwen en zei dat ik hier prima in mee kon gaan. Ik hoefde ze niet weg te puffen of wat dan ook. Ruim een uur heb ik ze hangend over het bed op proberen te vangen tot ik dit niet meer volhield. Van tevoren had ik besloten absoluut niet horizontaal te willen bevallen, maar liggen was op dit moment de enige houding die nog enigszins ‘aangenaam’ was.

Een gynaecoloog in opleiding kwam de kamer binnen en sprak de legendarische woorden: “Ik heb je geboorteplan gelezen en zie dat je niet actief gecoacht wilt worden. Sta je hier nog steeds achter, of heb je liever dat ik dat wel doe?” Ik heb helaas haar naam niet meegekregen, maar het feit dat ze het respect had gehad het plan te lezen en naar mijn wensen vroeg, vond ik een voorbeeld voor iedere zorgverlener.

Na ruim 90 minuten persweeën te hebben gehad, lukte het me niet meer. Ik voelde dat mijn dochter ondanks mijn verwoede pogingen, niet verder het geboortekanaal in ging en ik kón niet meer. Ik heb op dat moment zelf gevraagd om een keizersnede. De eerder genoemde prof. zei na dit verzoek met gedempte en rustige stem tegen de gynaecoloog in opleiding zich ‘een klein beetje zorgen’ te maken. Dit uit de mond van deze rustige man was voor mij bevestiging dat wat ik voelde ook klopte met wat zij zagen. Ondanks dat ik lichtelijk teleurgesteld was dat het nu ‘zo af ging lopen’, was ik wel erg blij en trots dat ik moeite had gedaan om voor mijn wensen op te komen en deze bevalling zo veel als mogelijk zelf vorm had kunnen geven. Die keizersnede was balen, maar ik had er tenminste zélf voor mogen kiezen toen ík een eerlijke kans had gehad om het zelf te doen.

Om half drie ’s nachts is onze gezonde dochter geboren middels een keizersnede. Voor mijn vriendin werd een uitzondering gemaakt en ook zij was welkom in de operatiekamer. De ok-assistent was fantastisch. Vriendelijk begeleidde hij me zodat de ruggenprik gezet kon worden en daarna bleef hij op rustige toon precies vertellen wat er ging gebeuren en wat ik zou kunnen voelen. De dag na de bevalling zijn alle betrokkenen bij de bevalling langs gekomen om te vragen hoe het met me ging en of ik nog wat kwijt wilde. Dat vond ik ook heel erg prettig. Ik kreeg de indruk dat de prof. het ook oprecht jammer had gevonden dat de bevalling toch nog anders was gelopen dan ik zo graag had gewild. Het was duidelijk dat hij me die gegund had. Die oprechtheid heeft me geraakt.

De GeboorteBeweging heeft niet kunnen voorkomen dat ik werd overgedragen aan het ziekenhuis, maar tijdens mijn zwangerschap was zij een schat aan onmisbare informatie waarvan ik vind dat iedere zwangere en hun partners hier recht op hebben en er niet bij toeval het geluk moeten hebben hier tegenaan te lopen. Er is zóveel dat met grote stelligheid wordt gebracht terwijl er vele andere manieren zijn en niet alles zo stellig is als dat beweerd wordt door het gros van de zorgverleners. Ik vind dat een kwalijke zaak. Ik heb echt eerlijke informatie gemist bij mijn zorgverleners. 

Eén van de vroedvrouwen aanwezig op de GeboorteBeweging in het bijzonder heeft voor mij een groot verschil gemaakt. Van haar kreeg ik tijdens een twee uur durend telefoongesprek alle informatie die ik wenste. Over wat nu werkelijk de risico’s waren van thuis een kind in stuit baren. Zij was bereid, mocht ik tóch besluiten thuis te willen bevallen na alle voors en tegens tegen elkaar te hebben afgewogen mij te begeleiden, mits ik een ziekenhuis eerlijk zou vertellen het voornemen te hebben thuis te willen bevallen en bereid zou zien om mij toch op te nemen mocht het tijdens de bevalling nodig blijken. Juist doordat ik die optie nu toch had, kreeg ik de rust om goed geïnformeerd zélf te kiezen voor een bevalling in het ziekenhuis. En dus niet omdat een ander had besloten dat het ‘moest’. Ik vond zelf het risico alsnog naar het ziekenhuis te moeten tijdens de bevalling te groot en besloot in ieder geval een ziekenhuis te kiezen waar ik me zo prettig als mogelijk voelde.

Door de informatie die ik kreeg tijdens mijn zwangerschap, werd me regelmatig door zorgverleners in het ziekenhuis en door de ‘pufjuf’ gevraagd of ik soms medisch geschoold was. Steevast was mijn antwoord: “Nee, ik ben gewoon goed geïnformeerd”.

Eveneens dankzij de GeboorteBeweging, kwam ik achter het bestaan van de watermaterniteit in Oostende, waar de mogelijkheid bestond om mijn kindje in het ziekenhuis en in stuitligging toch in een bevalbad ter wereld te brengen. Helaas was dit logistiek gezien een te grote opgave, maar ik was zó blij dat ik keuze bleek te hebben. Hier mee mogen delen in een grote poel van kennis heeft mijn ogen geopend. 

Zo veel dingen worden als ‘moeten’ en als absolute waarheid gebracht… Ik dacht goed geïnformeerd te zijn, maar ik bleek slechts heel goed te weten wat de meerderheid vertelt en dat wrong met mijn eigen visie. In mijn omgeving werd er steeds maar vanuit gegaan dat een kindje in stuit automatisch een geplande keizersnede zou worden. Ik heb me daar danig aan geërgerd. Hieruit blijkt in mijn ogen opnieuw hoe karig we geïnformeerd worden over onze opties en hoe belangrijk het dus is om te weten wat je rechten zijn. Zo lang je een ‘perfect’ verlopende zwangerschap hebt, zonder complicaties, merk je er nu nog vrij weinig van. Maar o wee als je een medische indicatie krijgt en dat worden er steeds meer.

One size fits no one en daarom is keuzevrijheid zo’n groot goed. Laat dat niet verloren gaan. Of je nu alleen wilt bevallen in je huiskamer, met ruggenprik in het ziekenhuis of iets daar tussenin. Je bevalling is een gebeurtenis die je nooit meer zult vergeten en het is verschrikkelijk belangrijk dat dit geen ontkrachtende gebeurtenis wordt waarbij je achteraf het idee hebt dat het je allemaal maar overkomen is.

En vind je het voor jezelf niet zo belangrijk? Dat mag natuurlijk. Maar doe het dan voor je vriendinnen, zussen en je dochters zodat zij (later) de mogelijkheid hebben een bevalervaring te hebben waar ze de rest van hun leven met een positief gevoel op terug kijken.

Claudia 

Wil je ook jouw ervaring delen en mee schrijven op dit blog? Je inbreng is zeer welkom! Mail jouw blogpost dan naar actie@geboortebeweging.nl

vrijdag 4 april 2014

Waarom Moeders In Actie


We krijgen regelmatig de vraag wat de onderbouwing is voor onze eerste oproep Moeders, Kom In Actie. Hier kun je deze lezen. Het is misschien even doorbijten, maar dan heb je hopelijk een duidelijk beeld over het hoe en waarom van de actie.

Conclusies:
De GeboorteBeweging signaleert dat de basisaanname, de vermeende hoge babysterfte, te smal is voor een ingrijpende hervorming van de geboortezorg om deze te rechtvaardigen. Wij vinden het hoge tempo waarin de hervormingen worden afgedwongen onverantwoord. Bovendien doet het ons twijfelen aan de integriteit van de hervormers. Wij vragen ons af wiens belangen gediend worden: die van de beroepsgroepen en zo ja, welke beroepsgroepen? Die van de zorgverzekeraar? Zeker niet die van de zwangere: haar keuzevrijheid en het recht op zelfbeschikking worden juist ernstig bedreigd.

De GeboorteBeweging heeft namens de cliënten van de geboortezorg eerder deze zorgen geuit en doet dit nu opnieuw. Er moet goed gekeken worden naar wát de gevolgen van het ontschotten in de geboortezorg precies zijn en welke belangen daarbij meespelen. Daarbij moet niet alleen rekening worden gehouden met de positie van verloskundigen en gynaecologen, maar in de eerste plaats met de gevolgen voor de individuele zwangere.

Daarom roepen wij de minister en de beroepsgroepen op om een pas op de plaats te maken, zorgvuldig te kijken naar de gevolgen van de voorgestelde hervormingen en de zwangere actief bij de hervormingen te betrekken.

Daarom roepen wij zwangeren, moeders, vaders en grootouders op om de actie van Moeders In Actie te steunen.


De GeboorteBeweging vertegenwoordigt de stem van elke zwangere, barende en kraamvrouw, aangezien wij staan voor het recht op zelfbeschikking en keuzevrijheid. Elke (aanstaande) moeder heeft daarmee te maken. Op basis van verkregen informatie en haar eigen voorkeuren neemt zij beslissingen ten aanzien van haar zwangerschap en bevalling, of dit nu de keuze voor pijnbestrijding is, een badbevalling, bevallen thuis of in het ziekenhuis. De moeder heeft - ook volgens de wet - het recht de uiteindelijke beslissing te nemen over haar zorg.


woensdag 2 april 2014

De zorgen van Dhjana (deel 2)

Gisteren las je het eerste deel van de zorgen van Dhjana. Vandaag volgt de rest van de e-mail die zij schreef naar aanleiding van de brief van het CPZ aan minister Schippers. 

* Zorgstandaard, gezamenlijke zorgpaden en protocollen, coordinatie,
zorgverleners die werken als een team en eenduidig communiceren: reken
maar dat er straks geen ruimte meer is voor ouders die willen afwijken van
de gemedicaliseerde norm, maar ook niet meer voor zorgverleners die de
ouders daarin willen ondersteunen. Van lieverlee zullen er dus ook steeds
minder verloskundigen zijn die uitdragen dat ze de voorkeur geven aan een
niet-gemedicaliseerde bevalling, stomweg omdat ze moeten gaan kiezen
tussen de 'eenduidige boodschap' binnen een verplicht gesteld
samenwerkingsverband of hun werkplek kwijtraken.
 
* 'Echoscopische expertise wordt gebundeld om deskundigheid te
optimaliseren.' Het verplicht stellen van echo's, zoals dat in Frankrijk
al het geval is, op straffe van korting op de kinderbijslag die je daar
vanaf de zwangerschap krijgt, ligt hiermee in het verschiet. Het doet er
niet meer toe of je als ouders de echo's wilt en of je misschien twijfels
hebt bij de vermeende onschadelijkheid. Het moet, anders is het niet
'deskundig' en 'optimaal'.

* Informatieverzameling wb het verloop van de zwangerschap en het
partusplan: waar je als huisartspatient nog de mogelijkheid hebt om het
EPD te weigeren, heb je dat hier niet meer - er wordt per definitie een
electronisch en web-based dossier aangemaakt en de bezwaren tegen het EPD
(privacyschending, slecht beveiligd) worden zo in een klap van de tafel
geveegd. Bovendien kan dit verstrekkende gevolgen hebben omdat er zoveel
'partners' kennelijk toegang krijgen tot dit dossier. Koppel het aan de
opmerking over initiatieven van de zorgverzekeraars en het zou op een
gegeven moment zomaar kunnen zijn dat je zorgpremie omhoog schiet omdat
uit dit dossier blijkt dat je in een of ander risicoprofiel zit. Koppel
het aan de kennelijk standaard monitoring door de kinderarts, shared care
en gedecentraliseerde jeugdzorg en het zou kunnen zijn dat je een
gemeentelijke jeugdhulpverlener over de vloer krijgt omdat je het vertikt
om te laten vaccineren.
Koppel dit dossier aan de toenemende informatie'behoefte' van de overheid
en het zou ook nog wel eens op tal van andere gebieden gevolgen kunnen
hebben. 

Ik weet dat met name het laatste stuk vergezocht klinkt. Maar als je ziet
hoe vaak de overheid gegevens opvraagt (providers, OV-chipkaart,
parkeergegevens, slimme meters) dan ben ik bang dat het geen paranoia is.
Plannen zoals deze leggen de basis voor dergelijke dingen, ook als we dat
pas op lange termijn zullen merken.

Vriendelijke groet,
Dhjana

Maak jij je net als Dhjana zorgen over de ontwikkelingen in de geboortezorg? Wil je dat jouw stem wordt gehoord? Teken dan onze petitie, en vraag ook anderen dat te doen. 
Wil je mee schrijven op dit blog? Je inbreng is zeer welkom! Mail jouw blogpost dan naar actie@geboortebeweging.nl

dinsdag 1 april 2014

Gynaecologen manager van de zorg?


Moeders In Actie wordt soms verweten ‘tegen de gynaecologen’ te zijn en pro eerste lijn (verloskundigen). Niets is minder waar. We zijn, om het nog maar ‘s helder te hebben, vóór keuzevrijheid van de vrouw aangaande de zorg voor haar en haar baby tijdens zwangerschap, bevalling en de kraamperiode en tégen onnodige medicalisering van die zorg. Als gynaecologen vervolgens daaruit concluderen dat we tegen de tweede lijn zijn (ziekenhuis, gynaecoloog, klinisch verloskundige), dan zien zij helaas de nuance niet en dragen ze bij aan de polarisatie. Moeders In Actie stelt dat de plannen voor de hervorming van de geboortezorg van het CPZ (College van Perinatale Zorg, zie ook deze blog) die keuzevrijheid niet waarborgt, onder andere door het opdringen van ‘Shared Care’.

Een ander verwijt wat we horen, is dat we denken dat ‘ze’ uit zijn op geld en macht. Hoe komen we op dat idee? Wie het beleidsplan2011-2015 van de Nederlandse Vereniging van Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) leest, komt daarin een aantal interessante dingen tegen. Ik licht er hieronder een paar uit (cursivering van mijn hand).

P.19: “Medische ontwikkelingen schrijden voort en leiden tot meer complexe zorg. Ook de patiënt verandert. De gynaecoloog werkt steeds meer in een team van professionals. De overheid zet in op versterking van de eerste lijn en concentratie van curatieve zorg. Men voorziet de opkomst van relatief grote eerstelijns zorgcentra met brede diagnostiek en meer zorg voor chronische ziekten. Aan de andere kant van het (cure)-spectrum zal een beperkt aantal ziekenhuizen overblijven voor weinig frequente, hoogcomplexe, multidisciplinaire zorg. De ontwikkelingen rondom spreiding en concentratievan zorg zullen zeer bepalend zijn voor de toekomstige invulling van de werkzaamheden van de gynaecoloog. De rol van de gynaecoloog schuift geleidelijk op naar die van regisseur. De gynaecoloog voert regie in de directe patiëntenzorg (preventie-diagnostiektherapie), in een netwerk van zorg (samenhang met andere disciplines, andere instellingen) en in de bestuurlijke organisatie van zorg.

En:

“De NVOG heeft verantwoordelijkheid genomen in de Stuurgroep zwangerschap en geboorte. Na uitkomen van het advies ‘Een goed begin’ heeft de NVOG samen met andere betrokken partijen het initiatief over de implementatie van de adviezen naar zich toe getrokken. Hierdoor heeft de NVOG zich centraal gepositioneerd. De NVOG wil een leidende rol vervullen bij de herinrichting van de verloskundige zorg. Dit heeft onder meer het visiedocument ‘Integrale verloskundige zorg in Nederland, een stap verder’ opgeleverd.

P4 “Patiënten vertrouwen er op dat de geboden zorg van goede kwaliteit is en veilig wordt verleend. De toezichthouder verwacht niet-vrijblijvende afspraken over verantwoordelijkheid, samenwerking en naleven van veldnormen. Daar zullen zorgaanbieders op moeten anticiperen. Onze beroepsvereniging wil daarin haar regisserende rol behouden.

P5 “In een breed perspectief zal de gynaecoloog zich bezig houden met vrouwengezondheidszorg en neemt daarbij de regierol op zich (ketenzorg, behandelteams), waarbij het belang van de patiënt voorop staat. De gynaecoloog is dus niet alleen een medisch expert, ook de manager van de zorg.

Het is helder: de NVOG bedeelt zichzelf luid en duidelijk de regierol toe. Zo wordt Shared Care wel heel doorzichtig ‘Gynaecologist led care’. Als dan de beroepsvereniging voor verloskundigen (KNOV) komt met een artikel over het belang van Midwifery Led Care, is het geen wonder dat ze ‘not amused’ zijn. Maar het is dan wel nogal een gevalletje de pot verwijt de ketel als de NVOG vervolgens de KNOV beschuldigt van 'domeindenken', dat deze teveel de discussie over behoud van de autonome positie van de verloskundige blijft voeren. En wie probeert de NVOG zand in de ogen te strooien met de oproep: “...met alle ketenpartijen te komen tot een geïntegreerde zorgketen, zonder unieke posities van welk partij dan ook”? En, beste NVOG, dus ook niet die ene unieke positie van de gyneacoloog als regisseur van de zorg? Ik ben bang dat de minister de NVOG op haar blauwe ogen gelooft. De KNOV is het lastige schaap, wat zich maar moet gaan gedragen. Het CPZ laat zich leiden door de ziekenhuizen, dus die was al binnen.

Het beleid van de NVOG is mogelijk niet wat de individuele gynaecoloog uitdraagt. Misschien dat er daarom soms reactie is als wij schrijven dat het om macht gaat. We rekenen het de individuele gynaecoloog ook niet aan, wat haar beroepsvereniging allemaal wil (maar ach, wat zouden we graag willen dat ook de gynaecologen die niet met alles eens zijn, wat meer en luider van zich zouden laten horen). In de regio worden ook prachtige initiatieven ontplooit, zijn er goede contacten tussen vroedvrouwen en ziekenhuizen en gynaecologen en wordt daarin zelfs soms schoorvoetend gekeken naar de stem en de rechten van de vrouw. Maar wanneer je bovenstaande leest, of het hele beleidsplan, wie kan dan nog ontkennen dat de NVOG de regisseursrol (= macht) naar zich toetrekt? En wie zegt dat het goede wat zich regionaal ontplooit, niet vernietigd wordt in de uiteindelijke vaststelling van wat Integrale Zorg is, en de Zorgstandaard waaraan iedereen zich moet gaan houden? En dat het over geld gaat – aan de geboortezorg wordt veel verdiend, dat zal niemand ontkennen. ‘De’ verloskundigen zijn daar ook niet onschuldig in. Hierover komt binnenkort een andere blogpost.

Als laatste. In het beleidsplan wordt her en der de patiënttevredenheid even genoemd. Als doekje voor het bloeden, daar lijkt het op. Het is onder andere nagenoeg aan het eind te vinden, p.24: “Doel: Intensiever contact met patiëntenverenigingen. Indicator: Minimaal één bijeenkomst per jaar met patiëntenorganisaties; deze organisaties betrekken bij NVOG activiteiten (bijvoorbeeld Gynaecongres of Negenmaandenbeurs).”

Patiëntenverenigingen, meervoud. (hm, ‘patiëntenverenigingen’?? Goed, ik doe even niet moeilijk, al heb ik daar natuurlijk wel het een en ander over op te merken.) Dus ook de GeboorteBeweging? En werkelijk, één keer per jaar? Staat dat er zwart op wit? Hoe serieus moet de zwangere de NVOG nemen, dat deze haar belang voor ogen heeft? Als de zwangere werkelijk centraal zou staan, dan zou zij actief, voortdurend en nauw betrokken moeten worden bij de ontwikkeling van het beleid aangaande de zorg voor zwangerschap, bevalling en kraambed.

Daarom, kom in actie, laat je stem horen! Dit gaat over jou, je partner, je (klein)kinderen!

We gaan overigens graag met iedereen in gesprek. Het enige belang wat wij behartigen, is die van de vrouw. Het enige domein wat wij verdedigen, is haar recht.
Joyce



Wil je een bijdrage leveren aan dit blog? Een persoonlijk verhaal, jouw ideeën over het CPZ en hun plannen, en wat ze betekenen voor jouw keuzevrijheid, of een ander stuk wat op dit blog past? Wil je op een andere manier in actie komen om je stem te laten horen? Neem dan contact op met actie@geboortebeweging.nl.




De zorgen van Dhjana (deel 1)

Dhjana schreef ons een email, waarin ze haar zorgen over de veranderingen in de geboortezorg uitlegt. Ze gaf ons toestemming deze zorgen met jullie te delen. Vandaag het eerste deel van haar email:
Ik heb met heel veel interesse het blog over de brief van het CPZ gelezen. Tussen de regels van de voorbeelden doemt inderdaad een bijzonder zorgwekkend beeld op.
Vanuit m'n eigen 'expertise' - activisme en daarmee een (misschien wat
stellige) blik op beperking, uniformisering, dataverzameling (en wat
daarmee gedaan kan worden) en bescherming van economische belangen, wil ik
erg graag een soort van vertaling geven naar wat ik zie dat dit op lange
termijn zou kunnen inhouden, zeker als ik dit koppel naar trends op andere
gebieden dan zwangerschapszorg.

Sommige aspecten zullen voor de hand liggen, anderen misschien in eerste
instantie vergezocht overkomen. Nou ja, zie maar wat jullie er mee willen
doen.

* Bij de VSV's valt het op dat doula's niet genoemd worden. Verderop in de
tekst is er een aantal keren sprake van 'professionals', zonder dat
doula's daar genoemd worden. Dit kan een poging zijn om de beroepsgroep
van de doula's naar de zijlijn te derangeren. Het valt ook op dat het
aandeel van medische 2e en 3e lijns specialisten in de VSV's veel groter
is dan dat van de verloskundigen. Het zal jullie niet ontgaan zijn dat de
verplaatsing naar medische 2e en 3e lijnszorg zo nog dwingender zal worden
dan nu, al was het alleen maar omdat die 'de meerderheid' vormen binnen
zo'n samenwerkingsverband. Bovendien zijn er in zo'n VSV een aantal
participanten die financiële belangen hebben bij lucratieve ingrepen en
medicatie (bestuur van het ziekenhuis, anesthesiologen, gynaecologen). Er kan dan
300 keer in zo'n beleid staan dat de cliënt centraal staat, als puntje bij
paaltje komt zullen die financiële belangen vaak de doorslag geven. Zeker
als de 'initiatieven van de zorgverzekeraars' ook een expliciete rol
hebben.

* Bij het geboorteplan staat dat het 'in overleg en op elkaar afgestemd'
wordt opgesteld. Op de lange termijn gaat dit voor de ouders betekenen dat
er een gestandaardiseerd geboorteplan komt. Zeker als de gynaecologen al
vanaf het begin af aan meekijken, zal er vrijwel altijd wel iets uitkomen
waardoor een gemedicaliseerde bevalling 'geadviseerd' wordt. Ik vermoed
dat het niet bij adviseren blijft, 'op elkaar afstemmen' gaat in de
praktijk waarschijnlijk betekenen dat de ouders afhankelijk worden van
professionals die 'toestemming' geven voor een geboorteplan. Dat zie je
bevestigd in de term 'pro-actief voorschrijven van een zorgprotocol'. Bij
de voorbeelden staat het notabene letterlijk: verloskundige en gynaecoloog
stellen het partusplan op. Niet de ouders. Het geboorteplan - een
uitstekende manier om als ouder de regie van de bevalling op een
weloverwogen manier in eigen handen te houden - is hiermee definitief
gekaapt.

* Termen als 'het waarborgen van gemeenschappelijke verantwoordelijkheid'
en 'shared care' klinken fantastisch, maar gaan in de praktijk een open
deur zijn naar hele dwingende maatregelen. De verantwoordelijkheid wordt
namelijk expliciet uit handen van de ouders genomen en in handen van
zorgverleners gelegd. In situaties waarin er een meningsverschil of
conflict ontstaat tussen de ouders en de zorgverleners, geeft dit de
juridische basis voor iets dat je zou kunnen vergelijken met een OTS, een
onder toezichtstelling, waarbij de zorgverleners vanuit die
verantwoordelijkheid de 'plicht' (het recht) hebben om handelingen af te
dwingen.

* 'Het terugbrengen van vermijdbare kindersterfte en een ongunstige start
voor moeder en kind' kan je vrij vertaald lezen als: geen thuisbevallingen
meer. Punt. Beiden worden al jaren in zorgvuldige propaganda aan
thuisbevallingen gekoppeld.
Je ziet dat bevestigd bij het voornemen dat een barende vrouw niet
verplaatst mag worden: dat betekent dat er altijd een advies voor
ziekenhuisbevalling zal liggen. Bij thuisbevallingen is een van de
geruststellingen namelijk dat er in geval van nood naar het ziekenhuis
verwezen wordt, maar die deur wordt nu dichtgedaan. Je hebt er maar voor
te zorgen dat je voor het begin al in het ziekenhuis bent.
Dhjana

Deel 2 lees je morgen! Wil jij ook je zorgen, of je ervaringen delen? Wil je vertellen wat je wel, of juist niet zou willen zien in de zorg voor jou of je baby? Je bent van harte welkom om ons een blogpost te sturen, dit kan naar actie@geboortebeweging.nl
P.S: heb jij de petitie al getekend? 

zondag 30 maart 2014

Het verhaal van Alexandra

Alexandra schreef de volgende blogpost: 

Het is inmiddels 33 jaar geleden dat ik van mijn oudste dochter beviel, en 24 jaar geleden dat ik van mijn jongste dochter beviel. Ik ben heel blij dat ik niet meer hoef te bevallen, maar dit is niet omdat ik bevallen zo vreselijk vind. 

Bij mijn oudste dochter kon ik na 36 uur weeën en 1,5 uur persen heerlijk thuis in mijn eigen bed bevallen. Bij mijn jongste dochter, mijn 4e bevalling, ben ik op handen en knieën op het vloerkleed thuis bevallen. Na 8 uur weeën was er 1 uur pauze in de weeën voordat de persweeën begonnen. Na deze pauze, en bijna zonder persen was ze er 15 minuten later. Ook dit heb ik op mijn eigen manier kunnen doen. Mijn huisarts stond er beide keren bij en keek er naar zonder dat hij toucheerde, hij deed dit alleen als ik dat zelf graag wilde omdat ik wilde weten hoe ver ik was. Hij had in de tropen gewerkt en was toen al gewend hands-off te werken. 

Tijdens mijn 2e bevalling was hij op vakantie, inmiddels was ik 42 weken zwanger en had ik meer dan 24 uur gebroken vliezen, en dus werd het een medische bevalling met alle toeters en bellen die daarbij hoorden. Toen al vond ik dat vreselijk. 

Tegenwoordig zou meer dan 36 uur weeën naar het ziekenhuis betekenen. 1,5 uur persen van hetzelfde laken een pak. Een weeënpauze wordt niet meer als pauze gezien maar als weeënzwakte, dus ook daarvoor moet je naar het ziekenhuis. 

Ben ik daar veiliger? Nee. Word ik daar onzeker over mijn eigen kracht en lichaam? Ja, met alle gevolgen van dien. Er zijn meer vrouwen voor wie hun bevalling een traumatische ervaring was omdat zij zelf geen invloed meer hebben op hun bevalling. Als je nonverbaal een moeder laat merken dat haar lichaam niet in staat is te doen waarvoor het gemaakt is, zal ze zich overgeven aan degene waarvan zij denkt dat deze de kennis heeft. De bevalling zal haar overkomen, maar of dat haar een positief gevoel over haar bevalling oplevert waag ik te betwijfelen. Zeker gezien het feit dat steeds meer vrouwen een post traumatisch stress syndroom overhouden aan hun bevalling. Ik denk dat het allerbelangrijkste is dat vrouwen zelf blijven en kunnen beslissen hoe, waar en met wie zij bevallen precies zoals dat is opgenomen in de rechten van de mens in Europa. In de brief van het CPZ lees ik dat het in eerste instantie gaat over een gezonde baby, de wens van de aanstaande moeder wordt nergens genoemd. 

Alexandra 


Wil je ook een blog, artikel of iets anders plaatsen? Stuur je inbreng dan dan naar actie@geboortebeweging.nl

Actie-update nummer 2

Er is deze week een hoop gebeurd! Tijd om je een beetje bij te praten.

* Maandagochtend begonnen we met zo'n 2900 handtekeningen, nu zijn dat er al meer dan 4700! Blijf vooral de petitie, de brief en de verschillende blogposts delen. We hebben nog een heleboel handtekeningen nodig om écht een verschil te kunnen gaan maken.

* Van verschillende mensen hebben we begrepen dat ze soms geen bevestigingsemail ontvangen als ze de petitie willen tekenen. Controleer in dat geval voor de zekerheid even je spambox, meestal blijkt hij daar te staan. Lukt het echt niet, vraag dan een papieren versie van de petitie aan.

* De papieren versie van de petitie is door een aantal moeders rondgebracht of uitgedeeld aan o.a. verloskundigenpraktijken, cursusruimten en -leidsters, en zwangerschapswinkels. Wil je ook een papieren versie, voor jezelf, om uit te delen, of om door te sturen in je netwerk? Je kunt hem aanvragen via actie@geboortebeweging.nl

* De Moeders in Actie FB-pagina heeft al meer dan 700 vind-ik-leuks!

* Wil je een blog schrijven, dan is je inbreng zeer welkom! Dat mag een persoonlijk verhaal zijn, of een algemener stuk, iets wetenschappelijks, net datgene wat jij kwijt wilt. Denk daarbij aan thema's als keuzevrijheid, jouw bezwaren tegen veranderingen in het systeem,  of dingen die je juist wel graag veranderd zou willen zien. Geef aan wat je wilt, of wat je juist niet wilt in de geboortezorg. Het is dé mogelijkheid om jouw stem te laten horen, heb je een blogje, mail dat dan naar actie@geboortebeweging.nl


* Deel je op Facebook of Twitter de blogs of andere dingen die met de veranderingen in de geboortezorg te maken hebben, de hashtags voor de actie zijn: ‪#‎moedersinactie‬ en ‪#‎mina‬


* Afgelopen donderdag zijn er diverse berichten in de media verschenen rondom de veranderingen in de geboortezorg, of dingen die hiermee te maken hebben. Bijvoorbeeld een stuk in de Volkskrant van Raymond de Vries, en een stuk over het dalen van de babysterfte (diverse media, bijvoorbeeld hier). Ook gaf Minister Schippers antwoorden op kamervragen van Agnes Wolbert, hier lees je er meer over. En het NPCF, de organisatie die de stem van zwangeren binnen het CPZ zou moeten zijn, heeft ook van zich laten horen. We kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat het laatste stuk bedoeld is als reactie op de Moeders in Actie :-) Des te meer reden om door te gaan met onze actie!  


We merken aan de vele reacties, met name in de social media, dat er mensen wakker beginnen te worden. De zwangeren zelf zijn lange tijd over het hoofd gezien als belangrijke stem in de overleggen over veranderingen in de geboortezorg. Maar we zijn er nog lang niet! Jouw hulp blijft nodig om hier ook écht iets aan te veranderen! 


vrijdag 28 maart 2014

The face of birth - Het verschil tussen gynaecologen en verloskundigen

Onderstaand fragment komt uit de film The Face of Birth. Aan het woord is gynaecoloog Richard Porter, die het verschil in de blik waarmee gynaecologen en verloskundigen naar een bevalling kijken, uitlegt. 

Deze gynaecoloog is duidelijk: bij een gezonde zwangerschap en een gezonde baring heeft een gynaecoloog geen toegevoegde waarde, en kan de medische blik waarmee deze kijkt zelfs schade brengen. 

"Birth is normal, until it's proven abnormal."

"You really do not need somebody whose prime approach to childbirth is based on a disease model get involved in a normal delivery."

"And whichever way you look at it, midwives are far better at handling normal deliveries than obstetricians."



Wat hij zegt blijkt ook uit vele onderzoeken. Deze bijvoorbeeld, hierin zijn 13 onderzoeken waar in totaal 16.242 vrouwen bij betrokken waren met elkaar vergeleken. In de onderzoeken zijn de 'shared care' en 'medical care' systemen vergeleken met het 'midwife-led continuity model'. 

Bij het 'shared care' model wordt een zwangere of barende vrouw begeleidt door een team van verloskundige en gynaecoloog, die de medische verantwoordelijkheid delen. Het beste van both worlds, zou je denken... Dit is het systeem wat de NVOG, de beroepsgroep van gynaecologen, er binnen het CPZ graag doorheen wil drukken, dit systeem is ook genoemd in de brief van het CPZ aan minister Schippers.

Bij het 'medical model' begeleidt een gynaecoloog elke zwangere of barende. 

In het 'midwife-led continuity model' begeleidt de verloskundige de zwangere of barende. 

In het onderzoek hierboven is gekeken naar resultaten bij zowel vrouwen met een gezonde zwangerschap, als vrouwen met een medische indicatie. Uit deze 13 onderzoeken blijkt dat het midwife-led continuity model de beste resultaten geven voor moeder en kind. Er waren verschillende voordelen, en geen nadelige effecten ten opzichte van de andere zorgmodellen. De belangrijkste voordelen zijn minder gebruik van pijnbestrijding tijdens de bevalling, er wordt minder geknipt in de bekkenbodem, en er zijn minder geboortes waarbij een vacuümpomp of tang gebruikt worden. 

Daarnaast was de kans groter dat barenden begeleid werden door iemand die ze al kenden, en de kans op een spontane vaginale geboorte was groter. Er was geen verschil in het aantal keizersnedes. Vrouwen die continue zorg van een verloskundige kregen hadden een lagere kans op een vroeggeboorte, of op het verliezen van hun baby voor 24 weken zwangerschap. Er was geen verschil in het risico op het verlies van een baby na 24 weken, of het overlijden van baby's over de hele zwangerschap en bevalling gerekend. 

De conclusie van dit onderzoek is duidelijk: de meeste vrouwen zou continue begeleiding van een verloskundige aangeboden moeten worden, hoewel dit advies met enige voorzichtigheid overgenomen moet worden bij vrouwen met ernstige medische complicaties. 

Dit is maar een van de vele onderzoeken. Er zijn er nog meer. En steeds weer blijkt dat zorg van verloskundigen de beste resultaten geven voor moeder en kind. Daarnaast is dit model ook nog eens stukken goedkoper dan een 'shared care' model of een 'medical model'. Wauw, boffen wij even dat we dit systeem in Nederland al lang en breed hebben! 

Als moeder voel ik me bedrogen. Minister Schippers wil 'de beste zorg voor moeder en kind'. Het CPZ roept dat ook te willen. En beide zetten in op een model waarvan is bewezen dat het niet de beste resultaten geeft? Hoe kan het dat de organisaties die mij als moeder horen te vertegenwoordigen binnen dat CPZ zo blind vertrouwen op dat 'shared care' model. Hebben zij de vele onderzoeken niet gelezen? Waarom, waarom moet het systeem wat we in Nederland hebben, omgegooid worden voor een B-keus? Ik weet het niet, ik begrijp het niet. En ik wil het niet! Ik wil écht de beste zorg voor mij en mijn kind! 

En daarom voer ik actie. Ik ben enorm dankbaar dat er gynaecologen bestaan. Maar zoals Richard Porter ook zegt: laat ze alleen in actie komen als er écht een reden voor is. 

donderdag 27 maart 2014

Het verhaal van Monique

Monique schreef het volgende blog:

Deze mama komt ook graag in actie. Niet voor mezelf want mijn gezin is compleet maar wel voor mijn 3 kinderen: 2 dochters en 1 zoon. Ik wens ook hen een hele fijne beval-ervaring toe. Waar niet de gynaecoloog of verloskundige, maar zij zelf de regie in handen hebben. Een ervaring waar je de rest van je leven profijt van hebt.

Ik heb aan den lijve ervaren hoe het is als je recht op zelfbeschikking genegeerd wordt!
Bij mij 1e kindje had ik een hoog BMI maar kon ik gewoon thuis bevallen wat ik ook graag wilde. Bij zwangerschap nr 2, maar 1,5 jaar later kwam ik weer bij dezelfde verloskundigenpraktijk en opeens waren er andere protocollen. Naarmate de weken vorderde bleek dat thuisbevallen met hen niet mogelijk was. Stress, zoveel stress, verdriet en machteloosheid maar een heel sterk instinct. Mijn BMI was trouwens maar 0,2% te hoog volgends protocol. 
Ik had bij mijn 1e kindje al bewezen dat ik met mijn BMI ongecompliceerd een kindje kon dragen en kon baren. Vol vertrouwen in mijn kunnen maar heel wanhopig ging ik op zoek naar een verloskundige die mij wel wilde begeleiden. Gelukkig heb ik die gevonden en heb ik nog 2 keer thuis een kindje mogen baren. Ervaringen waar ik heel trots op ben!

Ik vind het heel storend dat het krijgen van baby's zo om protocollen draait en dat er geen tijd/geld is om naar elke individu te kijken. Gynaecoloog en verloskundige hanteren beiden hetzelfde protocol, want dat hebben we toch afgesproken. Dus de casus met beiden bespreken is volledig zinloos. 

Ik heb door deze situatie het verschil mogen ervaren tussen een groeps verloskundigenpraktijk en een caseload vroedvrouw- en man. En wat een verschil!

De zorg van een vroedvrouw- of man wens ik ook mijn kindjes toe!

Monique

Wil je ook een blog, artikel of iets anders plaatsen? Stuur je inbreng dan dan naar actie@geboortebeweging.nl

woensdag 26 maart 2014

Heel veel moeilijke woorden in een brief

Op 18 maart heeft het CPZ een brief over de samenwerking in de geboortezorg gestuurd, het ging in deze brief om positieve ontwikkelingen, knelpunten en oplossingen. Je kunt hem hier lezen.

Deze brief is voor de mensen achter de Moeders in Actie een belangrijke reden geweest om in actie te komen. De brief gaat over de zorg voor ons en onze baby's. En in deze brief staan naast een aantal zorgelijke opmerkingen ook ingrijpende veranderingen in de geboortezorg genoemd. 

Ik zal hier wat punten opnoemen. Als je halverwege de opsomming af wilt haken door woorden waarvan je tot nu niet wist dat ze bestonden, of door ingewikkelde afkortingen, scroll dan asjeblieft toch nog even helemaal door naar beneden. Want dat alleen al is een paar woorden op dit blog waard. Ok, hier komen ze:

  • Geen scheiding tussen eerste, tweede en derde lijn; wel gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor inhoud en proces (blz 1 en 2). 
  • De oprichting van de VSV’s: Verloskundige Samenwerkingsverbanden, veelal tussen verloskundigen en gynaecologen. Verder is hier het bestuur van een ziekenhuis bij betrokken waar gynaecologen, klinisch verloskundigen, (O&G) verpleegkundigen, kinderartsen en anesthesiologen werken. Daarnaast zijn kraamzorgorganisaties en kraamverzorgenden een belangrijke partner in die samenwerkingsvorm (blz 2).
  • Met elke zwangere wordt een met elkaar besproken en afgestemd geboorteplan  vastgesteld, op grond waarvan de gemeenschappelijke verantwoordelijkheid wordt geborgd, en wordt bijgehouden (blz 3). Daarbij is het een vereiste dat door alle daarbij betrokken professionals in het hele traject toegang is tot het geboorteplan, de gemaakte afspraken, de vastgelegde gegevens en het actuele beleid. De professionals werken in het model van de integrale geboortezorg als een team in nauwe samenhang met de zwangere (blz 6).
  • Het terugbrengen van de vermijdbare oorzaken van kindersterfte en van een ongunstige start voor moeder en kind gaat nog te langzaam (blz 5).
  • Vanuit de NPCF is gemeld: “Als iedereen praat vanuit zijn eigen deskundigheid heb je daar als aanstaande moeder last van”. Men wil vanuit het cliëntenbelang dat de
    zorgverleners werken als een team en eenduidig communiceren, waar de aanstaande moeder zich ook in de keten van de geboortezorg bevindt (blz 5 en 6).
  • Een integraal tarief (blz 7).
  • De multidisciplinaire Zorgstandaard (blz 8).
  • Het webbased dossier dat het proces van de integrale geboortezorg moet ondersteunen en tevens voor elke aanstaande moeder en voor het team van zorgverleners die haar begeleid (verloskundige, klinisch verloskundige, gynaecoloog, verpleegkundige, kinderarts, anesthesioloog, kraamverzorgenden), beschikbaar is (blz 9).
  • De multidisciplinaire Zorgstandaard (blz 8)
  • Subsidies ZonMW voor 10 regionale consortia (blz 11)
  • Initiatieven zorgverzekeraars (blz 11).

Daarnaast zijn op bladzijde 5 "ter illustratie van oplossingen enkele voorbeelden van verschillende mission statements vanuit enkele regio’s" gegeven. 

(Als je nu nog niet bent afgehaakt, geweldig, wat fijn dat je nog meeleest, want wat in vredesnaam staat hier eigenlijk? Ok, hier komt het lijstje met voorbeelden.)

  • Zorg voor de zwangere wordt zo veel mogelijk georganiseerd rondom de zwangere. Zij staat centraal. Er komt één loket.
  • Kwaliteit van zorg: er zijn gezamenlijke zorgpaden en protocollen.
  • Definitie zorgpad: Vertrekkend van de zorgbehoeften, vragen, verwachtingen en voorkeuren van de individuele patiënt, beschrijven zorgpaden proactief de opeenvolgende stappen in het zorgproces voor een patiënt met een specifieke zorgvraag.
  • Het streven is een integrale verloskundige organisatie te bereiken. Alle zorgverleners zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor deze organisatie en werken daarbinnen met behoud van hun professionele autonomie.
  • Er is sprake van “shared care”, na een gezamenlijke intake waarbij verloskundige en gynaecoloog samen vastleggen wie welke controles tijdens de zwangerschap zal uitvoeren. Voorts wordt in de 8ste maand van de zwangerschap een partusplan opgesteld, waarbij verloskundige en gynaecoloog samen vastleggen waar de partus plaatsheeft (thuis of ziekenhuis) en wie de bevalling begeleidt. Tot slot worden er gezamenlijk afspraken gemaakt over de begeleiding tijdens het kraambed.
  • De gegevens van elke zwangere worden vanaf het begin van de zwangerschap in 1 systeem vastgelegd. Verloskundige en gynaecoloog kunnen beiden in dit systeem kijken en hun nieuwste bevindingen vastleggen.
  • Iedere zwangere moet weten wie haar casemanager is (huisarts, verloskundige of gynaecoloog) en die als primair aanspreekpunt voor de zwangere vrouw functioneert. Hij/zij is verantwoordelijk voor een goede coördinatie van de zorg om haar heen.
  • Er wordt naar gestreefd een barende vrouw indien mogelijk niet te verplaatsen tijdens de baring.
  • Echoscopische expertise wordt gebundeld om deskundigheid te optimaliseren
* Einde moeilijke woorden *

Ha, wat fijn, je bent er doorheen geworsteld. Of misschien heb je het lijstje overgeslagen en ben je in 1 x naar beneden gescrolld. De punten hierboven, de brief zelf, het is allemaal in vaktaal geschreven, woorden die amper te begrijpen zijn. En als je niet begrijpt wat hier staat, hoe moet je dan begrijpen wat de gevolgen van deze punten kunnen zijn? Wat kan dit betekenen voor de zorg voor jou en je baby, of voor de mogelijkheid om zelf te kiezen waar, hoe en met wie je bevalt? Wat gaat dit betekenen voor jouw recht om bijvoorbeeld ingrepen of een richtlijn te weigeren? De komende tijd zullen we op dit blog hierover uitleg geven. In duidelijk te begrijpen taal, met voorbeelden zodat iedereen snapt waarover het gaat. Blijf dus vooral meelezen! 

De aanloop van deze ingrijpende veranderingen heeft 3 jaar geduurd, waar voornamelijk in de achterkamertjes is overlegd over hoe de zorg voor zwangeren er uit zou moeten zien. In die overleggen is de stem van zwangeren niet of nauwelijks vertegenwoordigd, er zitten vooral professionals aan tafel. De paar organisaties die uitgenodigd zijn om namens de zwangeren inbreng te leveren moeten dat dus doen terwijl ze amper kunnen bijhouden wat er precies wordt gezegd. Zij kampen met hetzelfde probleem als jij en ik: wat in vredesnaam staat hier eigenlijk? Waar is de vertaling? Je stem laten horen wordt op deze manier erg lastig. 

Al met al lijkt het er toe te leiden dat er beslissingen genomen gaan worden zonder duidelijk te weten wat wij als zwangeren en moeders nu eigenlijk willen of nodig hebben. Zonder dat aan ons gevraagd is wat wij eigenlijk van deze beslissingen vinden, willen we dit eigenlijk wel? Om wie draait het nou eigenlijk, is de zorg bedoeld om het de professionals naar de zin te maken, of om zo goed mogelijk voor ons en onze baby's te zorgen, op een manier zoals iedere zwangere dat graag voor haarzelf bepaalt? 

Er wordt gesmeten met de term 'cliënt centraal', maar op een manier die mij als moeder doet huiveren. Het is een lege huls, een nietszeggende term geworden. Als de cliënt, de zwangere écht centraal zou staan, zou haar stem niet alleen gehoord en goed vertegenwoordigd moeten zijn binnen het CPZ, nee, het zou zelfs een leidende en beslissende stem moeten zijn! Dan zou binnen het CPZ gezorgd worden voor overleg en brieven in een duidelijk te begrijpen taal, zodat ook de organisaties die er namens de zwangeren zitten goed begrijpen waar het om gaat en met hun achterban kunnen overleggen over welke weg ingeslagen gaat worden. 

Het praten en schrijven in ingewikkelde woorden is misschien een strategische zet, je overbluft er makkelijker iemand mee. En nu het CPZ eindelijk met de plannen naar buiten komt, doen ze dat zo stilletjes mogelijk, maar wel met het doel om in een rap tempo het hele systeem op zijn kop te gooien. Als we nu onze stem niet laten horen, als we nu niet aangeven wat we wel en vooral niet willen, is het straks te laat. 


Jolanda

Wil je een bijdrage leveren aan dit blog? Een persoonlijk verhaal, jouw ideeën over het CPZ en hun plannen, en wat ze betekenen voor jouw keuzevrijheid, of een ander stuk wat op dit blog past? Wil je op een andere manier in actie komen om je stem te laten horen? Neem dan contact op met actie@geboortebeweging.nl